MOEDERKOREN

Op een Assyrisch kleitablet – zo’n 3000 jaar oud, werd
geschreven over slachtoffers die ledematen verloren, de meest verschrikkelijke
hallucinaties kregen of krankzinnig werden. Zwangere vrouwen kregen miskramen
en veel mensen stierven.

In heel Europa, 1000 jaar geleden, sprak men van een
epidemie. Alleen al in Parijs werd een aantal genoemd van
40.000 slachtoffers, allemaal vergelijkbaar met de bovenstaande
symptomen.

Zelfs nog in 1951 vielen in Frankrijk 7 doden, werden 50
mensen opgenomen in een psychiatrische kliniek en moesten 250 mensen worden
behandeld, omdat één boer, één molenaar en één bakker niet goed had opgelet.

Wat was hier toch aan de hand? Wel, al die mensen hadden
roggebrood gegeten, waarvan het meel besmet was met moederkoren. Dit was geen graan, of koren, maar de
levensgevaarlijke schimmel Claviceps purpurea, die vooral van rogge houdt.
Deze schimmel maakt zeer giftige stofjes aan. De molenaar kan het nauwelijks
zien, want de schimmel maakt een zwammetje, dat precies lijkt op een
graankorrel. Het zijn zwarte uitsteekseltjes in de korenaar. Deze schimmel
maakt zeer giftige stofjes aan, enkele grammen al hebben grote gevolgen.

Tegenwoordig komt moederkoren niet veel meer voor. In de
landbouw worden de schimmels met chemische middelen bestreden. De biologische
rogge wordt goed geschoond en er wordt ook gekozen voor soorten die minder
gevoelig zijn voor deze schimmel.

Willy Moors, Schouwsmolen Ittervoort.